Het verkeersbordencomplex
De signalisatie langs onze wegen is een ramp. Dat bleek onlangs nog uit een studie van automobilistenverenigingen waarbij België de op 2 na slechtste score haalde van 15 onderzochte Europese landen. Signalisatie, dat zijn dus verkeersborden en voor u zich afvraagt waarom we het in deze communicatiecolumn daarover moeten hebben, bedenk dat verkeersborden de belangrijkste media zijn die we dagelijks gebruiken. Of beter : moeten gebruiken. Iedereen, van 8 tot 88 jaar, die een voet buitenzet, dient ze actief te raadplegen. Bovendien in vaak moeilijke omstandigheden – tegen 120 per uur, in de gutsende regen of met jengelende kinderen op de achterbank. En vooral : met zeer dwingende boodschappen die opvolging eisen om erger te voorkomen. Zo een medium moet communicatief scherp staan en dat is het laatste wat van onze Belgische bordenjungle kan gezegd worden. Uit bovengenoemde studie bleek dat de borden vaak te dicht bij de aangekondigde verkeerssituatie staan opgesteld, niet goed zichtbaar zijn en vooral te complex zijn. De Belgische automobilisten vinden, zo zegt de studie, dat er gewoon te veel borden staan. Verkeersborden zijn te belangrijk om te complex te zijn. Maar hoe koppel je de complexiteit van de onderliggende verkeerscode aan de noodzakelijke eenvoudigheid die de gebruiker nodig heeft ? Op dat snijpunt staat het verkeersbord, en momenteel weegt teveel het ene door ten koste van het andere. Laten we dat eens omdraaien. Alvorens Minister van Mobiliteit Landuyt een nieuwe studie bestelt om aan de verkeerscode te sleutelen, zou het nuttig zijn om de weggebruiker zijn stem te horen. We weten nu al dat hij onze verkeersborden niet lust, laat ons dan eens kijken met welke aanpassingen de aangehaalde problemen kunnen geremedieerd worden. Het is redelijk ongelooflijk dat een nieuw potje yoghurt niet op de markt kan worden gebracht zonder dat het uitvoerig in testpanels vooraf getest, opgevolgd en geëvalueerd wordt, maar dat verkeersborden - waar mensenlevens van afhangen - blijkbaar zonder kunnen. En dan komen we tot de kern van de zaak. Verkeerssignalisatie is nooit vanuit de gebruiker bekeken en nooit vanuit een communicatief perspectief ontwikkeld. Ons land hangt vol met commerciële affichage en die is, geloof ons, wél vanuit die optiek bekeken. Miljoenen euro’s is er aan marketingonderzoek gespendeerd om op basis van gebruikerspanels te analyseren van hoe ver en vanuit welke ooghoek men hoe goed welk lettertype kan lezen. Wel, laat ons deze kennis maar vooral deze methodiek van gebruikersanalyses ook toepassen op onze verkeersborden. Kunnen we bijvoorbeeld geen signalisatiepanels organiseren die onze borden screenen op hun duidelijkheid ? Jaag een representatief staal van weggebruikers de straat op en laat ze onduidelijke of quasi-onzichtbare verkeersborden signaleren. Gewone weggebruikers die per fiets, te voet, per auto of vrachtwagen zich dagelijks in de bordenjungle begeven en suggesties geven voor verbetering.
En dan hebben we het hier nog niet over de oranje interim-verkeersborden die tijdens wegenwerken het verkeer in juiste banen moeten leiden. In België is het zo geregeld dat de aannemer die wegenwerken uitvoert ook verantwoordelijk is voor de plaatsing en het onderhoud van de tijdelijke verkeerssignalisatie. U kent vast wel die omleidingsbordjes die, langzaam wegzakkend in de berm, opeens uit het zicht verdwijnen. Wie verkeersborden als een belangrijk communicatie-instrument ziet, moet toch tot de conclusie komen dat ze niet de appendix mogen zijn van een complex aannemingscontract, maar onderwerp moeten vormen van een specifieke opdracht aan een onafhankelijke derde partij. Dat kan een gespecialiseerd studiebureau zijn of aannemer, maar alvast iemand die enkel daarmee bezig is. Maar ook hier : waarom laten we bij de mensen die in de straat wonen waar gewerkt gaat worden, er dagelijks passeren of bij de lokale bakker hun brood kopen de omleidingsborden en andere signalisatie niet op voorhand testen op hun eenvoudigheid en leesbaarheid ? Het zou niet alleen het draagvlak vergroten bij hen die een hoop verkeersellende te wachten staat, maar vooral ook een belangrijke klantdimensie toevoegen. Want die borden, die staan daar in de eerste plaats toch voor u en ik.

In het stakeholdertijdperk is een klant niet zomaar een klant. Dat ervoer ING toen ze de sterk gecontesteerde maatregel lanceerde dat 60-plussers minder geld konden afhalen aan de bankautomaat. De reacties over betutteling en gebrek aan respect waren niet te stuiten.