Belonende milieucommunicatie
Maak geen vervuilers van goedpresterende gezinnen
Hoe zet je de mensen ertoe aan om hun afvalgedrag te verbeteren? Het valt in elk geval niet mee, want er worden alsmaar meer inspanningen gevraagd en de weerstand neemt toe. Nog niet zo lang geleden moest een Vlaamse gemeente haar nieuwe afvalsysteem na een referendum weer afschaffen. Nogal wat gemeenten en intercommunales stellen noodzakelijke beslissingen uit, omdat ze vrezen op onbegrip te zullen botsen. De nieuwe systemen zijn immers strenger en de gezinnen moeten plots veel geld betalen voor diensten die vroeger goedkoop of zelfs gratis waren. En dat allemaal om de mensen ertoe aan te sporen minder afval te produceren. Is dit wel de goede weg? Of kan het ook anders en beter?
Waarom is afvalcommunicatie toch zo moeilijk? De belangrijkste verklaringen hiervoor zijn wellicht dat er weinig belangstelling voor is, dat het afvalbeleid te technisch is en dat er vroeger geen haan naar kraaide. Het loont de moeite om hier even dieper op in te gaan.
Low interest
Afval mag dan al een uiterst belangrijke materie zijn, de meeste mensen liggen er niet van wakker. De communicatieprikkels van de fabrikanten van dvd-spelers, auto's en laptops krijgen dan ook veel meer aandacht dan de folders of advertenties van een afvalintercommunale.
Te technisch
Om alle regels correct toe te passen, moet je haast een afvalexpert zijn. Uitleggen waarom bepaalde soorten afval wel en andere juist niet in een specifieke zak thuishoren, is haast onbegonnen werk.
Evident en gratis
Afval is heel lang vanzelfsprekend geweest. De mensen zetten hun huisvuil gewoon op straat en het werd opgehaald. Zo simpel was dat. Op sommige plaatsen is dat nu trouwens nog altijd het geval. Een erg handige dienstverlening die de mensen niet zo snel zullen opgeven. De kosten van het afvalbeleid zijn de jongste decennia echter fors gestegen, onder meer door de hoge heffingen op afval storten of verbranden. Voor de meeste gemeenten is het gewoon geen haalbare kaart meer om het afval gratis op te halen en te verwerken.
Via een omweg van gratis naar duur
Omdat het erg moeilijk is om voor betalende systemen een draagvlak te creëren, lieten sommige gemeenten en intercommunales alles liefst zoveel mogelijk bij het oude. Ze kozen voor een zachte sensibilisering en probeerden de bevolking via allerlei vormen van communicatie tot preventie en een beter sorteergedrag te bewegen. Ze vermeden drastische prijsverhogingen of de invoering van nieuwe betalende systemen en rekenden erop dat de 'vrijwillige' medewerking van de burger het verhoopte resultaat zou opleveren.
Zowat elke gemeente in Vlaanderen heeft dit stadium doorgemaakt. Meestal bleek echter al snel dat dit niet volstond. Onder druk van de steeds hogere afvalfactuur voerden veel gemeenten dan toch maar één of ander betalend systeem in (zie kader "Betalend en bestraffend"). Dat leverde niet alleen extra inkomsten op, maar had ook een ontradend effect waardoor er minder afval moest worden opgehaald en verwerkt. Twee vliegen in één klap.
Nadelen van een bestraffend systeem
De verschillende betalende systemen, waarbij iedereen wordt gestraft maar de gezinnen die het meest afval produceren ook het meest moeten betalen, hebben duidelijk effect: ze doen het huisvuilvolume gevoelig dalen. Toch is deze aanpak niet zonder risico want de betalende systemen hebben heel wat nadelen. De tevredenheid van de burgers slinkt vaak sneller dan hun afval.
Overheid maakt slechte beurt
Hoe men het ook draait of keert, de boodschap van de gemeente is en blijft negatief: "U zult voortaan veel voor uw afval moeten betalen." Er is gewoon geen goede kant aan. De burger is hoe dan ook meer geld kwijt, terwijl hij zich toch inspant om minder afval te produceren. Waar zit zijn winst?
Weerstand van de burger
Voor een dienst die vroeger gratis was, moet de burger nu plots betalen. Als hij zijn best doet, is het niet zo duur, maar betalen moet hij alleszins. De reactie ligt voor de hand: "Betalen we nog niet genoeg belastingen?"
Geen doelstelling
Actiegerichte communicatie – en afvalcommunicatie behoort ongetwijfeld tot die categorie – werkt het best als er doelen of streefcijfers worden ingebouwd. De voorbeelden zijn legio: "Antwoord binnen de week en maak kans op…", "Spaar 100 punten en win…", enzovoort. Mensen schieten nu eenmaal het snelst in actie als ze een doel voor ogen hebben en ervoor worden beloond als ze dat doel realiseren. De betalende systemen missen zo'n doel en verschillen in dit opzicht helemaal niet van de oude systemen waarbij alles gratis of erg goedkoop was.
Geen goodwill
Betalende systemen werken alleen als het echt pijn doet. Zodra ze de pijndrempel overschrijden, brokkelt het draagvlak echter af. Veel zin om mee te werken hebben de mensen niet meer. Bovendien staan ze nu uiterst wantrouwig tegenover elke aanpassing of nieuwigheid. Men kan dus maar beter hopen dat het gekozen systeem een hele tijd mee kan.
Van betalend opnieuw naar gratis
Samen met een intercommunale onderzocht Groep C of er echt geen alternatief was. Dat is op zich al vrij uitzonderlijk, want vaak worden communicatiemensen pas ingeschakeld nadat alles werd beslist. Ze zien dan maar of en hoe ze de boodschap verpakt en verkocht krijgen.
Het uitgangspunt was eenvoudig: men kan niet niet vervuilen. De mens vervuilt de planeet al sinds zijn ontstaan en produceert afval als hij kookt, eet, drinkt, bouwt of kinderen opvoedt. Het probleem is dan ook niet de vervuiling op zich, maar de overdreven vervuiling. Een mens die een grotere hoeveelheid afval produceert dan gemiddeld is in deze optiek een overdreven vervuiler. Daarom is het niet meer dan rechtvaardig dat hij moet opdraaien voor de extra kosten die zijn afvalgedrag veroorzaakt. Mensen die minder afval produceren dan gemiddeld verdienen daarentegen een beloning: hun afval is gratis. Ze sparen de samenleving immers overdreven kosten uit. Als we het principe 'de vervuiler betaalt' correct toepassen, moeten we vooral die mensen straffen die meer dan gemiddeld vervuilen en niet die gezinnen die precies doen wat er van ze wordt verlangd.
Wie niet stout is, krijgt lekkers
In samenwerking met de preventieverantwoordelijke van de afvalintercommunale ontwierpen we een systeem dat niet alleen bestraft, maar vooral ook beloont. Voortaan ontvingen de gezinnen in het werkgebied een bepaald aantal huisvuilzakken gratis, terwijl die vroeger 25 eurocent kostten. Het aantal gratis huisvuilzakken was gekoppeld aan het aantal gezinsleden en zo berekend dat het voor gemiddelde vervuilers zeker volstond. Wie er toch niet mee toekwam, moest extra zakken kopen die nu 5 keer duurder waren dan voorheen.
De lidgemeenten van de intercommunale waren gekant tegen een zware algemene prijsverhoging van de huisvuilzakken. Met dit nieuwe systeem, dat rekening houdt met het sterk ingeburgerde verwachtingspatroon dat de overheid moet zorgen voor een goedkope of gratis afvalverwerking, konden ze echter wel vrede nemen. Het werd dan ook snel goedgekeurd en ingevoerd. Met succes, want de bevolking is er nog altijd erg over te spreken en de hoeveelheid huisvuil is intussen fors gedaald.
Voordelen van dit belonend systeem
Het systeem heeft alvast twee belangrijke kenmerken die in de meeste betalende systemen ontbreken. Zo is er eerst en vooral een psychologische én rationele grens: wie niet toekomt met zijn gratis huisvuilzakken weet dat hij meer huisvuil produceert dan gemiddeld (en daar dus dringend iets moet aan doen) en dat dit hem duur te staan komt (want hij moet dure extra zakken kopen). Het tweede kenmerk is de beloning: wie minder huisvuil produceert dan gemiddeld hoeft geen zakken meer te betalen en maakt dus winst. De voordelen van dit systeem zijn onmiskenbaar.
Positieve boodschap
"Als u een beetje uw best doet en niet meer dan gemiddeld vervuilt, wordt het systeem voor u goedkoper. U krijgt uw zakken voortaan gratis." Een mooiere boodschap konden de burgemeesters en schepenen uit het werkgebied van de intercommunale niet brengen.
Stevig draagvlak
De burger kan moeilijk bezwaren hebben tegen de invoering van dit systeem. Als hij een normale vervuiler is, blijft alles gratis. Bovendien moet hij niet meebetalen voor zijn buur die een overdreven vervuiler is. Zolang dit systeem correct wordt toegepast, blijft er ook een draagvlak voor vernieuwing en verandering.
Responsabilisering
Het is eenvoudig: de burger is zelf verantwoordelijk voor zijn afvalfactuur. Goed gedrag wordt beloond. Fout gedrag wordt bestraft.
Meer aandacht voor preventie
Het systeem zorgt ervoor dat de burger meer aandacht heeft voor afvalpreventie en de communicatie erover. Als de overheid alternatieven aanreikt waardoor hij zijn afval kan beperken, zal hij veel sneller geneigd zijn om erop in te spelen. Hij wordt er immers voor beloond.
Zelfversterkend
Het gevolg op lange termijn ligt voor de hand: doordat zoveel mogelijk gezinnen onder de grens willen en zullen blijven, daalt de grens. Zo bewijzen de mensen meteen ook dat iedereen eigenlijk altijd al te veel afval produceerde. Door het zelfversterkend effect zal de grens, die nu nog een luxegrens is, geleidelijk evolueren naar een reële grens: het evenwicht tussen de minimale hoeveelheid afval die men kan produceren en wat vandaag de dag haalbaar is.
Belonen werkt ook voor recyclageparken
In 2001 werd het belonend systeem vertaald naar de werking van het recyclagepark van een gemeente. Ook hier werd een quotum toegekend: de bewoners mogen een bepaalde hoeveelheid afval gratis aanvoeren. De resultaten van een kwantitatief onderzoek liegen er niet om.
Op één jaar tijd daalde de hoeveelheid ingezameld afval met meer dan een derde, zonder een toename van het sluikstorten. Liefst 43% van de ondervraagden beweerde minder vaak naar het recyclagepark te gaan. Met andere woorden: het systeem werkt en zorgt ervoor dat mensen bewuster omgaan met afval en meer aan afvalpreventie doen.
Hetzelfde onderzoek wijst ook uit dat de mensen het systeem goed en rechtvaardig vinden. 64% van de respondenten blijft van oordeel dat de overheid voor de verwerking van het afval moet zorgen, maar 66% vindt het ook normaal dat wie meer dan gemiddeld vervuilt daar zelf voor moet opdraaien.
Betalend en bestraffend
De verschillende betalende systemen komen allemaal op hetzelfde neer: de gezinnen moeten méér betalen voor hun huisvuil. Niet via de huisvuilbelasting, maar wel via allerlei methoden die rekening houden met het afvalvolume. In de sector spreekt men van Diftarsystemen (differentiële tarifering). Ze gaan uit van het principe 'de vervuiler betaalt'. Het meest eenvoudige systeem is het verhogen van de prijs van de huisvuilzak. In sommige intercommunales steeg die van de ene op de andere dag met niet minder dan 600%! Er bestaan ook hightech Diftarsystemen waarbij het huisvuil van elk gezin bij elke ophaalbeurt wordt gewogen en geregistreerd. Het gezin betaalt uiteindelijk een bepaald tarief per kilo huisvuil.

In het stakeholdertijdperk is een klant niet zomaar een klant. Dat ervoer ING toen ze de sterk gecontesteerde maatregel lanceerde dat 60-plussers minder geld konden afhalen aan de bankautomaat. De reacties over betutteling en gebrek aan respect waren niet te stuiten.